Wiki Ecologische Waterbeoordeling WEW-lid? Log dan vooral in:
B. Technisch deel > 3. Biologische groepen > 2. Waterplanten   |   vorige  |  volgende 
  Geschiedenis
Lezen
Bewerken
Overleg

3. Drijfbladplanten

Drijfbladplanten zijn waterplanten die hun bladeren op het wateroppervlak hebben liggen. De bladeren zijn tenminste aan de bovenkant aangepast aan leven in lucht en daarom veel steviger dan de bladen van ondergedoken waterplanten. Een verdere indeling kan worden gemaakt op basis van de structuur en functionaliteit van de wortels: los ronddrijven planten met hoogstens kleine wortels; planten die met hun wortels verankerd zijn in de bodem; planten die overwinterende wortelstokken vormen in de bodem.

Er komen ook allerlei tussenvorm voor: planten die alleen drijfbladen hebben en planten die ook ondergedoken bladen hebben en/of ook emergente bladen kunnen vormen. Deze tussenvormen komen vaak binnen soorten voor zodat deze soorten niet als soort kunnen worden ingedeeld als al dan niet drijfbladplanten. 

Voor de beoordeling van de waterkwaliteit wordt vooral onderscheid gemaakt tussen vrij ronddrijvende planten en wortelende planten. De vrij ronddrijvende planten worden apart behandeld onder de titel Kroos. De overige drijfbladplanten worden, althans bij de KRW-maatlatten, als groeivorm beoordeeld. Dat betekent dat alleen de bedekking van de totale laag aan drijfbladen wordt beoordeeld, ongeacht welke soort, en zonder eventuele emergente en submerse bladen van dezelfde soorten mee te tellen.

Los daarvan worden de soorten ook op hun indicatiewaarde per soort beoordeeld.

Nyphaeiden

De naamgevende, 'echte', drijfbladplanten hebben flinke wortelstokken in (meestal) zachte slibbodem en hebben grote bladeren die plat op het wateroppervlak hebben liggen. Ze liggen vaak op beschutte locaties van een watersysteem. De soorten die hierbij het meest tot de verbeelding spreken zijn de Witte waterlelie (Nymphaea alba) en de Gele plomp (Nuphar lutea).

De waterlelie komt voor op beschutte locaties in veenplassen, boezemkanalen en weteringen. De waterdiepte varieert meestal van 1 tot 1,5 meter. Gele plomp kan ook in diepere wateren voorkomen en heeft het milieu graag voedselrijk.

Andere groepen

(nog verder uitwerken)

Andere regelmatig voorkomende soorten drijfbladplanten zijn Kikkerbeet (Hydrocharis morsus-ranae), Watergentiaan (Nymphoides peltata) en de exotische Grote Waternavel (Hydrocotyle ranunculoides). Deze laatstgenoemde soort veroorzaakt door zijn woekerende gedrag grote afvoerproblemen in met name het zuiden van het land en in de stad Utrecht. Het is een opportunist in voedselrijke wateren. Watergentiaan komt over het algemeen voor in lichtstromende wateren op klei(bevattende) gronden. Hier vindt nauwelijks slibophoging plaats. Deze soort kan niet tegen zout en de waterdiepte varieert van ondiep tot vrij diep.  Kikkerbeet zit juist vaker in kleine, zoete of licht brakke wateren met een zachte sliblaag, van waaruit de voedingsstoffen kunnen worden onttrokken.

Een andere soort drijfbladplant die een vermelding waard is, is Krabbenscheer (Stratiotes aloides). Hoewel Krabbenscheer eigenlijk een drijvende soort is (geen wortels in de bodem), is het niet bepaald een kroosachtige. Vandaar dat deze soort in deze drijfbladplanten-categorie is opgenomen. Krabbenscheer komt, net als Kikkerbeet, voor in kleine, voedselrijke, zoete of lichtbrakke wateren. Het is echter een typische soort van wateren in gebieden met humeuze bodems. De soort komt voor in laagveengebieden, bijvoorbeeld petgaten en in sloten in veenweidegebied. Ook zijn er gezonde populaties bekend uit kolken in het rivieren gebied o.a. bij Aerdt in de Rijn-strangen maar komt elders nauwelijks voor. De soort neemt thans wel toe in het voormalige hoogveengebied van Groningen en Drenthe, waar kennelijk de veenrestanten in de bodem voor een goed milieu voor deze soort leden. Krabbenscheer is zeer gevoelig voor sulfaat en komt dus enkel voor in ge´soleerde systemen (zonder rivierinvloed). De soort staat op de Rode Lijst.

 

 


Bijgewerkt: 3 februari 2016   door: Roelf Pot - versie 5
Grootste bijdrage door: Jordie Netten ( 51 % )
Tweede lezer: Roelf Pot
Openbaar: voor iedereen zichtbaar